Technologie in de Zorg; nooit te oud om te leren?!

16-12-2014

Informatie bijeenkomst over technologie in de zorg voorafgaand aan de promotie van Joan Vermeulen.

Dinsdag 16 december 2014, 10:30 – 15:00, Van der Valk Hotel, Nijverheidsweg 35 te Maastricht.

 

Thema

Het aantal ouderen en patiënten met een chronische aandoening in onze samenleving stijgt. Tegelijkertijd neemt het aantal zorgverleners dat voor deze toenemende groep zorgvragers kan zorgen af waardoor er een gat ontstaat tussen de vraag en het aanbod van zorg. In sommige gevallen zou technologie kunnen helpen om dit gat kleiner te maken, of zelfs te dichten. Veel onderzoeksprojecten richten zich daarom op de ontwikkeling, implementatie, en evaluatie van de effecten van technologie in de zorg. 

Een van deze onderzoeksprojecten is het project ‘Monitoring van fysieke kwetsbaarheid bij ouderen’ dat is uitgevoerd bij de vakgroep Health Services Research, binnen CAPHRI, aan de Universiteit van Maastricht. Tijdens dit project is in samenwerking met ouderen en zorgprofessionals een monitoring en feedback systeem ontwikkeld en getest waarmee thuiswonende ouderen zelf inzicht kunnen krijgen in (veranderingen van) indicatoren van hun fysieke functioneren zoals gewicht, balans, knijpkracht en fysieke activiteit. Met het systeem kan achteruitgang in fysiek functioneren tijdig gesignaleerd worden, wat een proactieve aanpak kan stimuleren. Het proefschrift dat Joan Vermeulen op 16 december 2014 om 16:00 uur heeft verdedigd is gebaseerd op het onderzoek dat in het kader van dit project is uitgevoerd. 

Daarnaast wordt door veel andere instituten in de regio (bijvoorbeeld Zuyd Hogeschool en het Expertise Centrum voor Innovatieve Zorg en Technologie) en in Nederland (bijvoorbeeld het Center for Care Technology Research) ook onderzoek gedaan naar technologie in de zorg. Er is veel gaande op dit gebied en de ontwikkelingen gaan razend snel. Tijdens de informatie bijeenkomst werden de deelnemers op de hoogte gebracht over de stand van zaken van het gebruik van zorgtechnologie in Nederland. Daarbij was er aandacht voor de manier waarop nieuwe zorgtechnologieën ontwikkeld worden; wat er al mogelijk is, wat gebruikt wordt en wat niet; er werden een aantal concrete voorbeelden gegeven van technologieën die de ouderenzorg en zorg voor patiënten met een chronische aandoening kunnen ondersteunen aan de hand van demonstraties. Het programma was interactief van aard waardoor een discussie werd gestimuleerd omtrent de ontwikkelingen die gaande zijn op het gebied van technologie in de zorg. 

Doel

Het doel van de informatie bijeenkomst was tweeledig. Op de eerste plaats werden de resultaten van het project ‘Monitoring van fysieke kwetsbaarheid bij ouderen’ gepresenteerd aan alle ouderen en zorgprofessionals die een bijdrage geleverd hebben aan het project en aan andere geïnteresseerden. Daarnaast werd tijdens de workshops op een interactieve manier een beeld geschetst, hoe technologie toegepast kan worden om de zorg voor ouderen en patiënten met een chronische aandoening te ondersteunen. 

 

Workshops

  1.  ‘Carpoolen met eindgebruikers op weg naar bruikbare zorgtechnologie’ (Renée Verwey, Sanne vd Weegen & Laura Hochstenbach): Presentatie en panel discussie over de samenwerking tussen verschillende partijen tijdens de ontwikkeling van technologie in de zorg.

  2. ‘eHealth, het verschil tussen hype en werkelijkheid’ (Prof. dr. Roland Friele): Presentatie over welke zorgtechnologie in Nederland al beschikbaar is; wat wordt er gebruikt door patiënten en professionals, en wat niet.

  3. ‘Komt dat zien: technologie in de zorg voor ouderen!!’ (Martine Huygens & Wendy d’Hollosy): Demonstratie van verschillende zorgtechnologieën voor ouderen en patiënten met een chronische aandoening waarbij de mening van het publiek over deze technologieën gevraagd wordt. 

  4. ‘Robots bieden een helpende hand’ (Claire Huijnen & Sandra Bedaf): Workshop over hoe robots ingezet kunnen worden om de zorg te ondersteunen. 

 

Watch the presentation(s) below. You can select another item in the column on the right.
Joan Vermeulen: 
Proefschrift